Tag Archive: Frankrijk

Reis Guillestre

Ons Frankrijk-avontuur startte ditmaal met een driedaagse tussenstop in camping ‘Le coin tranquile’ in Les Abrets. Een gouden tip van juf Hilde bracht ons naar deze plek aan de voet van de Alpen. Drie dagen genieten van de soberheid van het kamperen, het schitterende weer, een mooi uitzicht en de rust van een kleinschalige camping. Om de nodige verkoeling te vinden konden we elke dag een duik nemen in het zwembad. Dit vonden de kinderen natuurlijk super! Ook de afwas doen, het slapen in een tent, op je strandslippers het sanitair opzoeken om je tanden te poetsen waren allemaal avontuurlijke momenten voor Marie, Mats en Clara. 
Gelukkig waren de weergoden ons meer dan goedgezind zodat deze driedaagse kampeerervaring heel goed meeviel.  
Op de doorreisdag (zaterdag) kleurde de lucht grijs en konden we net tijdig de tent opplooien vooraleer verfrissende druppels wat afkoeling brachten in Les Abrets. Wij lieten de camping achter ons en trokken richting Alpen: Guillestre!
Na nog een reisje van zo’n vijf uur kwamen we aan bij chalet ‘Le Renardeau’ in Guillestre. De gastvrouw Nicole wachtte ons op en na een korte rondleiding kwam ook de gastheer Dirk er even bij om de mogelijkheden van de streek voor te stellen en te bespreken. We kregen ‘de rode bijbel’ (een map met 36 mogelijke uitstappen) overhandigd en keken wat er interessant en haalbaar was. Al snel kreeg onze week vorm met een uitstap naar de Izoard om van daaruit te wandelen naar Lac des Souliers, een rafting-avontuur op de Durance, een bezoekje aan Lac de Serre-Ponçon, de vallei van St-Véran, de col d’Agnel, … Meer dan genoeg om er een boeiende week van te maken. Dat werd het trouwens ook!
Zoals gezegd gingen we de eerste dag de col d’Izoard omhoog om vanuit Casse Déserte wandelend op zoek te gaan naar het Lac des souliers. Een mooie wandeling met prachtige vergezichten en een schitterende beloning als doel: een bergmeertje op een idyllische plek zo’n 2500 meter hoog.
De toon was gezet! 
Op maandag trokken we met z’n allen onze wetsuit aan en kropen we in een raftingboot! De schrik maakte plaats voor amusement en ook Clara genoot van deze afvaart van de Durance. Zo mochten we eens rechtstaan en springen in de boot, zwemmen in het koude water of van een rots springen. Echt een onvergetelijke belevenis!
Dinsdag stond de Val d’Escreins op het programma. De Vallei van Escreins is een natuurreservaat dat de bezoeker veel te bieden heeft: prachtige landschappen, een weelderige natuur met een rijke flora, rivieren, wilde paarden en de ruïnes van het oude dorp die ook nog een cultureel aspect toevoegen. Een ideaal gebied om in te wandelen. Bovendien loop je steeds langs het riviertje ‘Rif Bel’ wat het voor de kinderen ook avontuurlijk maakt (lees: dammen bouwen). Als ideale tussenstop vind je er ook een schuilhut terug waar je rustig, langsheen het water, je picknick kan verorberen op de zitbank. Het prachtige uitzicht krijg je er gratis bij!
Woensdag was er kans op onweer in de namiddag. s’ Ochtends sprong ik de mountainbike op om Risoul te beklimmen en in de namiddag kozen we ervoor om onze verkenning per wagen verder zetten. Een tocht langsheen het meer van Serre-Ponçon met een wandeling naar het Lac van Saint-Apollinaire. Hier zagen we de vissen spartelen in het water. In de verte zagen we een regengordijn over Gap trekken zodat een zwemmetje in het Plan d’eau d’Embrun er niet meer inzat. Een stop in het plaatselijke stadje kon er wel nog bij!
Donderdag werd een drukke dag met een uitstap richting Italië. Omstreeks 10 uur stonden we al boven op de Col d’Agnel, zo’n 2744 meter hoog! Een adembenemend uitzicht was onze beloning. De weg naar de top is bovendien ook fantastisch: marmotten, een kudde bergkoeien, een kabbelend riviertje, mooie bergdorpjes: je ziet het allemaal!
Na de picknick op de flanken van de col gingen we naar St.-Véran en namen we er een shuttlebusje die ons de vallei in bracht. Nadien wachtte nog een wandeling naar het kapelletje. Ook hier waren de marmotten van de partij. Op onze terugweg stopten we nog even bij de plaatselijke imker om er een voorraadje honing in te slaan. 
Aangekomen aan ons huisje wachtte Dirk ons op met het voorstel om rond 19 uur op pad te gaan om dieren te spotten. Een snelle hap was dus noodzakelijk en een halfuurtje later waren we alweer op weg richting Ceillac. Onze gids bracht ons eerst naar een schitterende waterval en liet ons nadien meekijken naar marmotten, reeën en gemsen op de bergflanken. We zagen ook de schapen grazen boven op de bergtoppen! Een unieke belevenis om deze dieren in het wild te ‘spotten’.
Onze laatste volledige dag deden we het opnieuw wat kalmer aan en bleven in de buurt van Guillestre: een bezoekje aan het gehucht Gros waar je een mooie blik hebt op de Gorges van de Guil en Guillestre, een bezoek aan Mont Dauphin en wat ontspanning aan de Lac d’ Eygliers en de marmottenwandeling. Goed gevuld zodat we met een rugzakje vol mooie herinneringen konden terugkeren naar België.
Tja, op zaterdag was het dan zover: we lieten de bergen achter ons maar niet vooraleer de col de Galibier te hebben overwonnen! Na zo’n vijf uur rijden kwamen we aan bij onze tussenstop in Chagny. De broeierige temperatuur joeg ons meteen naar het plaatselijk zwembad en wat waren we blij dat we ‘s anderendaags rond 09 uur (en al 29 graden) onze ‘microgolf-verblijf’ mochten verlaten. Op naar huis, op naar Wilg 30! Terugkijkend op een zéér mooie reis doorheen een prachtig stukje Frankrijk. Vive les Hautes Alpes! 

Frankrijk 2018

Auvergne 2017

Dit jaar ging de reis richting Auvergne. Nadat we twee jaar op rij de kust opzochten in Bretagne kozen we ditmaal voor het Franse binnenland op zo’n 800 km van huis. Om de rit niet in één keer te moeten afleggen in de heenreis besloten we een tussenstop te voorzien nabij Avallon in de Bourgogne. Via Booking.com belandden we in de B&B ‘Chez Virginie’. Een aangename stopplaats met een vriendelijke uitbaatster. Bovendien beschikten we over een familiekamer met alle voorzieningen. Het enige minpuntje was echter dat we nog een flinke afstand moesten afleggen om ergens een avondmaal te vinden.
Met de zon op de snoet maar enkele dreigende wolken op de achtergrond reden we de volgende morgen dwars door de Morvan naar de Auvergne. Na veel draaien en keren met de wagen op de plaatselijke wegen waren we blij dat we uiteindelijk op de autosnelweg zaten richting het vroegere vulkanengebied. We passeerden de Puy de Dome en stegen tot zo’n 1000 meter hoogte. Uiteindelijk kwamen we rond 17 uur aan op onze eindbestemming: Beaulieu. Na een rondleiding door de vriendelijke eigenaars in de mooie chalet verkenden we snel nog even de supermarkt van Bort-les-Orgues. Klaar om de volgende dag er op uit te trekken!
De zon was meer dan van de partij bij de start en we profiteerden er van door het meer op te zoeken. Op het strandje bij het kasteel van Val kan je zwemmen en dit was een welgekomen verfrissing! We brachten nog een bezoekje aan het kasteel vooraleer we terugkeerden naar Beaulieu. Onderweg snel nog even een broodje kopen voor het avondeten en dan… KNAL … een gescheurde achterband bij het wegrijden van de parking. Daar stonden we dan: zondagavond, midden Frankrijk, met z’n allen in een auto met slechts 3 opgepomte banden. Na hulp van een plaatselijke inwoner werd het reservewiel gemonteerd en konden we verder rijden naar ons huisje. De volgende dag wachtte een bezoek aan de plaatselijke garage voor het herstellen van de band (nou ja, aankoop van twee nieuwe banden wegens herstel onmogelijk).
De wagen wilde duidelijk niet mee want al na 100 km richting Frankrijk kregen we de foutmelding ‘minimumpeil diesel dope’. Met de schrik op een defect reden we toch al tot hier maar de angst op een serieuze panne bleef als een zwaard van Damocles boven ons hangen.
Enfin op dag twee dan zonder reserveband de bergen van Super Besse gaan verkennen. Met de ‘eitjes’ gingen we naar de Col de Perdrix waarna we nog wat hoger klommen richting Puy de Sancy. De vermoeide blik van Clara deed ons echter stoppen ter hoogte van het zicht op Mont Dore. De innerlijke energietank werd bijgevuld waarna het toch nog lukte om te voet af te dalen naar Super Besse. Dit stadje is een mekka voor downhillers in de zomer en skifanaten in de winter. Terwijl de eerste wolken de blauwe lucht verdreven keken we nog even naar de wilde avonturen van enkele stoere bikers op het plaatselijk terras om de daguitstap af te sluiten.
De volgende dagen werden minder zonnig en dus zat er helaas geen duik meer in in het plaatselijke stuwmeer. Toch hield dit ons niet tegen om er op uit te trekken. We bezochten de ruïnes van het kasteel van Thynières nabij onze verblijfplaats, trokken op daguitstap naar Salins waar we onder de waterval door konden stappen en een schitterende wandeling maakten langsheen de rivier. Je waande je zelfs in een sprookjesbos! Van Salins reden we verder naar het oude dorpje Salers die ons helaas met een stevige plensbui verwelkomde. Veel plezier hadden we dan ook niet in dit pittoreske dorpje en het verblijf was van korte duur. We compenseerden dit dan maar met een extra stop in het stadje Ydes. Hier kon je een fiets huren om het groene lint (een oude spoorwegbedding) te verkennen. Al trappend reden we een uurtje rond in de vallei van de Dordogne. Beslist de moeite waard!
Donderdag bleven we dicht bij ons huisje om onze auto wat te sparen. We wandelden onder en op de flanken van ‘les orgues’ in Bort-les-Orgues. Een wandeling van zo’n 4 kilometer bleek iets langer uit te vallen en zorgde voor flink wat hoogtemeters. Het beloofde ijsje wanneer we terug bij de auto kwamen werd dan nog eens doeltreffend weggeregend door een stortbui. Het werd dan maar een koekje al schuilend in de auto. Toch lieten we het niet aan ons hart komen en trokken we nog naar de site St. Nazaire  waar je de samenvloeiing van de Dordogne en de Diège kan bewonderen van op de kliffen. Een prachtig uitkijkpunt!
Op vrijdag lieten de grijze wolken nog steeds van zich horen en besloten we La Bourboule te bezoeken en de kinderen te belonen voor hun flinke stapinspanningen met een  bezoekje aan Parc de Fenestre. Dit is een uitgestrekt park waar er ook heel wat speeltuigen staan en waar je ook op enkele betalende kleine attracties kan zitten. Helaas zorgde de plensbuien er voor dat alles er nat en verlaten bij lag. Na de middagpauze in een plaatselijk restaurantje was de zon uiteindelijk toch van de partij en konden we alsnog genieten van een spelletje minigolf. Amai, deze golfbanen hadden precies nog last van de erupties van de vulkanen! De bal rolde alle kanten op die hij niet moest en de uiteindelijk bleken niet alle banen even haalbaar. Jammer voor deze eerste kennismaking van de kinderen met minigolf. Maar uiteindelijk hebben ze toch plezier beleefd en werden ze beloond voor hun vele kilometers die ze stapten doorheen de heuvelrijke (of bergachtige) streek.
En ja hoor op zaterdagmorgen eindigden we onze week in de Auvergne met zonneschijn! Maar helaas ook weeral met een bijkomend autoprobleem: olie bijvullen was ditmaal de boodschap. Na een stop in de plaatselijke garage waagden we ons aan de lange terugweg. Na zo’n 30 kilometer kraakte er iets ongelooflijks aan de auto. Nadat we geremd hadden verdween het geluid opnieuw om op de autosnelweg plots terug te keren. Met een bang hartje namen we de eerste ‘aire’ om de zaak eens te bekijken. Na een pauze van 40 minuten, een blik op de motor en veel schrik besloten we toch verder de rit te vervolgen. Ditmaal bleven de problemen achterwege en uiteindelijk konden we rond 18 uur veilig de thuishaven bereiken. Oef! Wat was me dat een reis met hindernissen. Eén ding staat vast: deze auto rijdt niet meer op Franse wegen om op reis te gaan. Een tweede vaststelling: de Auvergne is een prachtige streek die veel te beiden heeft maar we hadden helaas de weergoden niet echt mee. Volgende keer beter zeker?
Auvergne 2017

Langsheen het Tourparcours

Tour2015Net zoals vorig jaar wou ik dit jaar opnieuw de Tourkaravaan eens aan het werk zien. Arras ligt nu niet zo ver van de Belgische grens waardoor de rit van vandaag best een haalbare kaart was. Ik besloot om niet naar Arras zelf te rijden maar zo’n 30 km daar vandaan de auto te zetten om op die manier mijn eigen ritje te kunnen meepikken. Zo gezegd, zo gedaan! Helaas waren de weergoden (net als vorig jaar tijdens de kasseirit) opnieuw niet gunstig gezind. Er stond een stevige zuidwester en de miezerige regen maakte je in geen tijd toch kletsnat. Een tweede tegenvaller was het feit dat mijn route wel op de GPS stond maar dat de achterliggende kaart niet verscheen. Het was dus af en toe serieus gokken en eens verkeerd rijden. Toch lukte de rit richting Arras redelijk vlot. Eenmaal op het goede pad trotseerde ik de wind en kwam ik aan bij de startplaats van de Tour. De publiciteitskaravaan trok zich juist op gang. De renners lieten nog anderhalf uur op zich wachten. Aangezien ik toch wel koud begon te krijgen besloot ik de terugweg aan te vatten die ook langs het Tourparcours liep. Het werd eventjes zoeken om Arras te verlaten en na veel applaus als de eerste renner van het pak vond ik na enkele kilometers toch weer de rustigere wegen die me naar Mont Saint Elo brachten. Hier hield ik even halt om de rare ruïne te bewonderen op de top. Een plaatselijke journalist merkte me op en een interviewtje was het egvolg. Bijgevolg staat er in één of andere Franse regionale krant morgen een artikel over de Flandrien Bert Vanhauwaert. Mijn doel was om de renners voorbij te zien rijden nabij het cimetière NOtre-Dame de Lorette maar de overijverige agenten hielden me meermaals tegen om nog op de weg te rijden. UIteindelijk zag ik de renners voorbij zoeven in Carency. Nou ja, zoeven? Ik stond net aan een wegversmalling over een riviertje en daar eindigde ook de Tour van Nacer Bouhanni. Deze valpartij van dichtbij meemaken toont nogmaals de hectiek van de Tour. Alle mecaniciens sprongen uit de wagens, spurtten richting renners, dokters komen aangestormd, auto’s toeteren en eventjes lijkt er grote paniek. Maar na zo’n dikke 5 minuten oponthoud trekt de karavaan zich weer op gang en laat ze opnieuw een stilte achter. Deze stilte valt ook over jou wanneer je het immense cimetière voorbijrijdt. Hierboven de helling heb je bovendien een mooi zicht op de streek. Ik zet mijn tocht nu snel verder richting Rouvroy want de regenbuien zorgden er toch wel voor dat ik flink kou heb gevat en de Tourgekte is me nu toch wel genoeg geweest. Straks de ontknoping volgen op tv lijkt me ook wel tof!

Er eventjes tussenuit…

Joke en ik trokken met z’n tweetjes even naar Hardelot, een klein kustplaatsje net ten zuiden van Boulogne-sur-Mer. Eventjes genieten van rust want de kinderen waren in veilige handen thuis gebleven onder het alziend oog van oma en opa.
Vorig jaar gingen we voor het eerst een weekendje weg zonder kinderen. Toen trokken we richting Brussel. Ditmaal is de kust de plaats voor ontspanning en rust. Het werd een meer dan gezellige tweedaagse met een gezellig welkom met een flesje champagne en chocolaatjes, een fikse strandwandeling, een rustgevende sauna en jacuzzi, een lekker etentje (met helaas veel te kleine mosselen) en vooral … elkaar!

Hardelot-banner